Posts Tagged onderzoek

Wat fieldmarketeers vinden en wat shoppers zien

samplerUtalkmarketing schrijft over een onderzoek dat in Groot Brittannië is uitgevoerd onder field marketing-medewerkers. De centrale vraag was: wat denkt u als field marketeer, maar ook als shopper, dat de effectiefste instore promoties zijn? De antwoorden liggen nogal voor de hand. Want field marketing-medewerkers vinden field marketing-acties zoals sampling de meest effectieve manier van instore marketing. Een duidelijk gevalletje: Wij van WC-eend adviseren…WC-eend. Op de tweede plaats werden de kopstellingen genoemd, en als derde schapkaarten. Volgens de demonstrateurs en -trices zouden de dump bins nauwelijks effect sorteren.

Leuk om de cijfers uit het onderzoek eens te vergelijken met die van POPAI’s Vision Tracking-onderzoek. We maten daarbij wat mensen zagen, waarmee ze interacteerden en welke middelen leiden tot conversie.
In de volgende grafiek ziet u de vier middelen die in het Britse onderzoek zijn meegenomen (fieldmarketing, dump bin, schapkaart en kopstelling). Van elke van deze vier middelen is een top 4 gemaakt op kijken, interactie en kopen.
vision tracking

En dan blijkt dat de Britse fieldmarketeers een beetje gelijk hadden: hun medium scoort het beste als het gaat om interactie tot stand te brengen met shoppers. Maar voor kijken en verkopen geldt dit niet. Daar halen respectievelijk de dump bin en de kopstelling de eerste plaats.
Wat blijkt hier uit?
1. Er zijn verschillende manieren om effectiviteit te definiëren.
2. Mensen bevragen over welke reclame zij als effectief zien is geen goede marktonderzoeksmethode.

, , , , , , ,

Nog geen reacties

Vier retailexperts schijnen hun licht over shoppermarketing

shoppermarketingHet zijn niet de minste experts die door DDI Magazine werden gevraagd hun licht te schijnen over de huidige stand van zaken rondom shoppermarketing. Bijvoorbeeld Paco Underhill, schrijver van bestseller “Why we buy” en “Call of the Mall” en Herb Sorensen, CEO van instore marketing-onderzoekersbureau TNS-Sorensen. Samen gelden zij als dé experts op het gebied van shoppergedrag, en ze worden ook weleens de yin en yang van waarnemende wetenschap genoemd.
In het artikel komen een aantal punten aan de orde. Shoppermarketing heeft volgens de goeroes momentum omdat retailers weten dat de consument sterk aan het veranderen is en ze eigenlijk niet meer willen en kunnen blijven gebruikmaken van prijs als promotiemiddel. Shoppermarketing dwingt retailers conceptueler te denken en dat is goed, want instore marketing moet meer zijn dan de shoppertrip verstoren om de aandacht te trekken. Het gaat om beleving en totaaloplossingen. Er wordt verder gesignaleerd dat retailers erg vertrouwen op grote hoeveelheden kwantitatieve onderzoeksdata. Dat is op zich geen slechte graadmeter, maar het blijft ‘een beetje zoals kijken in de achteruitspiegel’. In de toekomst zal de shopper nog meer centraal komen te staan, en niet de retailer of fabrikant. Tenslotte wordt verkend hoe diversiteit in de samenleving een plek moet hebben in de benaderingswijzen van consumenten.


Het complete artikel van DDI Magazine is hier te downloaden [PDF].

, , ,

Nog geen reacties

Danone verweeft heel handig instore met TV

zeurKinderen die meer TV kijken vragen hun ouders vaker in de winkel om geadverteerde producten, zo blijkt uit onderzoeken. Danone weet dit waarschijnlijk ook: in de TV-reclame (klik hier voor het filmpje) voor Danoontje laten ze kinderen precies zien hoe het moet. We zien twee kinderen voor het schap die naar Danoontje wijzen: “Danoontje, mogen we die?” Om het de kids helemaal gemakkelijk te maken wordt er in het laatste shot even ingezoomd op de vloersticker die de plek van de Danoontje-producten in het koelschap markeert. Handig: want waar retailers zoals Albert Heijn beloven iets te doen aan de zogenaamde ‘zeur-kassa’s’, creeër je als merkfabrikant een nieuwe ‘jengel-plek’ in de winkel.

Via POP-professor

, , , , , ,

Nog geen reacties

Klanten die spaarpunten verzilveren brengen geld op

spaarzegelVeel retailers zien het verzilveren van spaarpunten door klanten als kosten. Liever geven ze spaarzegels weg, in de hoop dat deze ergens ongebruikt in een la blijven liggen. Onderzoek toont aan dat deze redenatie onterecht is. Volgens een publicatie in het British Journal of Management blijkt dat klanten die verzilveren een gevoel van welbehagen ervaren dat hun aankoopgedrag beïnvloedt. De website Loyaltyfacts.com schrijft over het onderzoek:

Het onderzoek laat zien dat klanten die verzilveren, significant meer besteden nadat zij punten hebben verzilverd. Het verzilveren van spaarpunten blijkt een sterk gevoel van welbehagen te veroorzaken. Dit gevoel van welbehagen uit zich in klanttevredenheid en loyaliteit. Dat beïnvloedt het aankoopgedrag van de klant positief. Redemptie leidt dus direct tot hogere opbrengsten.

De onderzoekers bevelen retailers aan om hun klanten te stimuleren de spaaracties te verzilveren. Dat kan door de regels van het spaarsysteem zo simpel mogelijk te maken. Daarnaast dienen retailers goed te monitoren hoe de spaaractie verloopt, en te onderzoeken waarom klanten eventueel niet tot verzilvering overgaan.

, , ,

Nog geen reacties

Dure producten maken niet zo gelukkig als ervaringen

ervaringHet kopen van een ervaring levert de shopper een veel groter gevoel van geluk op dan het kopen van een tastbaar product. Dit blijkt uit een onderzoek van de Amerikaanse Cornell University. In beide gevallen blijken shoppers een goed gevoel te hebben bij hun aankoop. Maar naar verloop van tijd blijkt de tevredenheid over de aankoop van een ervaring (zoals een vakantie of een behandeling bij een schoonheidspecialist) toe te nemen, terwijl de aankoop van een duur product meestal leidt tot heroverwegingen.
Bij productaankopen blijken consumenten hun eerder genomen aankoopbeslissing in twijfel te gaan trekken en te vergelijken met een aankoop die niet is gedaan: “Had ik niet beter die andere TV kunnen kopen?” Of: “Is mijn PC wel net zo goed als die van de buren?” Volgens de onderzoekers heeft de uitkomst te maken met het feit dat ervaringen veel moeilijker te vergelijken zijn.
Er is overigens voor marketingmedewerkers van producenten wel hoop volgens het onderzoek. Als zij het product weten te verkopen als ervaring (u koopt geen MP3-speler, maar uúúren luisterplezier) blijft de tevredenheid over de aankoop veel langer intact.

, ,

Nog geen reacties

Prijsbewuste shoppers het slechtst in staat waarde van boodschappen te schatten

calculatorHoe harder een shopper zijn best doet om tijdens het boodschappen doen een budget in de gaten te houden, hoe slechter hij daar in slaagt. Dat blijkt uit nieuw Amerikaans onderzoek, dat in het maartnummer van het Journal of Marketing wordt gepubliceerd.

Technieken
Onderzoekers, waaronder de gerenommeerde expert op het gebied van consumentengedrag Brian Wansink, vonden dat er twee technieken zijn die shoppers gebruiken om in te schatten hoeveel ze besteden in de winkel: ze schatten de totaalprijs van een winkelmandje in of proberen de afzonderlijke boodschappen tijdens het shoppen bij elkaar op te tellen. Deze laatste techniek wordt vooral door shoppers gebruikt die echt op hun bestedingen proberen te letten.
Beide technieken leiden tot een onderschatting van de waarde van ‘het mandje’. Per saldo komen alle shoppers dus boven hun budget uit. Maar het blijkt dat de ’schatters’ dichter bij de waarheid komen dan de rekenaars. Het lukt maar weinigen om goed uit het hoofd de prijzen bij elkaar te blijven optellen. En dat terwijl juist deze groep meer baat heeft bij een goede inschatting.
Daarnaast blijkt ook dat prijs-schattende shoppers geen moeite hebben met psychologische prijzen. In winkels waar een retailer veel prijzen hanteert die eindigden op 99 cent (€4,99 bijvorbeeld) bleken de shoppers dit mee te nemen in hun schatting. De prijzen werden in hun hoofd naar boven afgerond waardoor ze een reëler beeld hadden van de totale waarde van hun boodschappenmand.

Implicaties
Voor retailers lijkt het handig om te proberen het de rekenaars moeilijk te maken, om de bestedingen hoog te houden, maar dat is niet het geval. Shoppers die telkenmale meer uitgeven dan ze zelf hadden gehoopt, kunnen een erg negatieve emotionele houding ontwikkelen ten opzichte van de winkelervaring: slecht voor binding en loyaliteit. Nieuwe technieken als handscanners kunnen voor deze shoppers een uitkomst bieden.

Via PhysOrg

, ,

Nog geen reacties

Keuzes, keuzes, keuzes….

plethoraHet idee dat het product dat je niet kiest toch eigenlijk beter was. Dat is de ervaring die veel consumenten beleven als ze werden geconfronteerd met een overdaad aan keuzes. ‘Het verlammende gevoel van teveel keuzes,’ noemde de New York Times dat recentelijk in een artikel.
In het artikel wordt geciteerd uit verschillende onderzoeken over de overdaad aan keuzes die shoppers hebben in de winkel. Zo is gebleken dat een groot assortiment klanten richting een schap trekt. Maar aan de andere kant blijkt ook dat de koopbereidheid daalt naarmate het assortiment groeit. En dat is een moeilijke paradox: een vol schap trekt veel shoppers, maar een klein assortiment verkoopt relatief veel beter. Het is aan de retailer om de optimale selectie aan te bieden. Meer is niet per sé beter, maar te weinig is ook niet goed.
Een andere onderzoeker benadrukt dat het te simpel is om te stellen dat het de overdaad aan keuzes is die de verkoop schaadt. Het is namelijk niet een overdaad aan keuzes, maar een overdaad aan informatie. Als het je als retailer lukt, om met simpele, te behappen informatie een consument toch te kunnen laten kiezen uit veel producten, dan doe je het goed.


Het hele artikel is hier te lezen.

, ,

Nog geen reacties

Shopper Insights: Mental Budgets

inmanVanavond organiseert POPAI International een webcast (online presentatie) over het onderwerp “mentale budgetten”. Professor Jeff Inman vertelt over zijn onderzoek naar het instore bestedingsgedrag van shoppers. Hij concludeerde dat consumenten een mentaal budget hebben voor hun boodschappen. Een deel van dat budget is vastgelegd, en een ander deel wordt pas instore gealloceerd. Dit instore gedeelte is beschikbaar voor ongeplande aankopen. Wij schreven op dit weblog al eens over Inmans onderzoek.

In de webcast vanavond komen vragen aan de orde als:

  • Wat gebeurt er met het mentale budget als er producten in de aanbieding zijn?
  • Welke variabelen beïnvloeden het instore te besteden budget?
  • Hoe kunnen marketeers profiteren van deze inzichten?

Lees hier meer over de webcast.
De webcast begint om 21.00 uur (Benelux-tijd) en duurt anderhalf uur en kost $150. Leden van POPAI Benelux betalen slechts de helft voor het bijwonen van deze web-presentatie.

Aanmelden voor de webcast kan hier

Om de promotiecode voor POPAI Benelux leden te verkrijgen volg de volgende stappen:
1. Log in op onze site www.popai.nl
2. Surf vervolgens naar www.popai.nl/webcast voor verdere instructies hoe u zich aan kan melden

, ,

1 reactie

Diesel en Men at Work organiseren peepshows in de winkel

jeansJeansmerk Diesel en modeketen Men at Work halen samen een heel oud paard van stal. Het thema seks moet spijkerbroeken gaan verkopen. Want zo is de slogan: Sex sells, unfortunaly we sell jeans. “Dus, wil jij bijvoorbeeld die Trouser Arouser of Love Brush en wil jij je kans op seks verhogen? Ga dan naar één van onderstaande Men at Work filialen en koop een Diesel item,” ronkt het persbericht. Kopers van Diesel-jeans krijgen een seksspeeltje, en er worden in enkele filialen van Men at Work instore peepshows georganiseerd.
Er bestaan verschillende meningen over seks in reclame. Sommige onderzoeken concluderen dat seks het beste vermeden kan worden in reclame. Daar waar seks wordt gebruikt in een relevante context is de kans van slagen groter, vinden andere wetenschappers. En relevantie is precies wat Diesel en Men at Work proberen aan te tonen. Zij geloven dat jeans bij jongeren seksuele associaties oproepen:
“De relatie tussen jeans en seks is er wel degelijk en dat blijkt uit het feit dat 58% van deze jongeren aangeeft dat een goede kont in de juiste jeans de grootste aantrekkingskracht op hen heeft. Uit het onderzoek blijkt dat jeans de jongeren helpen om zich zelfverzekerd en sexy te voelen. Op de vraag welk kledingstuk de meeste aantrekkingskracht heeft, gaf 40% jeans als antwoord en meer dan 96% van de ondervraagde jongeren draagt een jeans bij de eerste date. Ook is gebleken dat 69% billen het mooist uit vinden komen in een goede jeans.”

, , , , ,

Nog geen reacties

Campbell Soup gooit complete productlijn op de schop na biometrisch onderzoek

campbellIn 1962 schilderde Andy Warhol 32 verschillende soorten soepblikken van het merk Campbell, en werd er wereldberoemd mee. De afbeeldingen zijn in dat stadium van Warhols loopbaan nog een exacte grafische weergave van de daadwerkelijk door Campbell verkochte soep-varianten. De kunstwerkjes tonen 32 bijna identieke soepblikken; de variatie zit hem in de tekst op het blik die aangeeft welk type soep het is.

Vragenlijsten
Sinds Warhol is er een hoop gebeurd. Campbell is nog veel meer soepvarianten in haar portfolio gaan voeren, en de verpakkingen zijn sinds de jaren ‘60 meermalen gerestyled. Maar wat gebeurt er in een winkel als een shopper wordt geconfronteerd met die overdaad aan visuele impulsen? Campbell deed jarenlang onderzoek en hield met uitgebreide kwalitatieve en kwantitatieve onderzoeksmethodes de vinger aan de pols. Iedere productintroductie werd zorgvuldig met marktonderzoek omkleed:

  • “Welke soorten soep van ons merk kent u?”
  • “Bent u geïnteresseerd in dit nieuwe product?”
  • “Verleidt deze verpakking u om dit product te kopen?”

En jarenlang bleek ook dat de uitkomsten van deze onderzoeken weinig vertelden over het daadwerkelijk succes van een product. Want positieve marktonderzoeksuitkomsten hadden uiteindelijk lang niet altijd een positieve correlatie met verkoopcijfers. Mensen bleken in hun rol als shopper in de winkel opeens ander gedrag te vertonen, dan als respondent in een marktonderzoek.

soupBiotmetrie
Campbell besloot het over een ander boeg te gooien en schakelde een onderzoeksbureau in dat ervaring heeft met neuromarketing-onderzoek. Het bureau rust respondenten uit met allerlei apparatuur die lichamelijke reacties meet: kijkrichting en -lengte, huidzweet, hartslag, verwijding van de pupillen en snelheid van ademhaling. Op die manier kan het bedrijf meten in welke mate een visuele impuls zorgt voor een emotionele reactie bij de respondent.
Campbell bevroeg 40 consumenten uitgebreid en koppelde ze vervolgens aan de biometrische apparatuur. Respondenten werden geconfronteerd met het product soep, de verschillende Campbell-verpakkingen en het Campbell-winkelschap. Wat bleek: visuele impulsen met het product ’soep’ lokten sterke lichamelijke reacties uit. Sommige Campbell-verpakkingen zorgden voor diezelfde sterke reacties. Maar een vol schap, met vele soorten verpakkingen vlakten deze reacties volledig uit. De emotionele betrokkenheid bij het product ging verloren door de hoeveelheid visuele impulsen.

Veranderingen
Campbell heeft naar aanleiding van het twee jaar durende onderzoek besloten haar productlijn volledig op de schop te gooien. Er wordt nagedacht over een nieuwe manier van presenteren van het product in verschillende kleinere displays, met onderscheidende kleurcodes. Verpakkingen krijgen een ander design en er komen nieuwe, kleinere verpakkingen bij.

Beperkingen
De operatie van Campbell is dapper, want er kleven nogal wat risico’s aan. De onderzoekers die het biometrische onderzoek uitvoeren vertellen dat ze niet kunnen meten welke emotionele reactie er bij de respondent plaats, maar alleen dat er een reactie waargenomen wordt. Deze black-box maakt de uitkomsten voor meerdere uitleg vatbaar.
Daarnaast is in het onderstaande filmpje van de Wall Street Journal te zien dat Campbells onderzoek voor een groot deel in een laboratoriumsituatie plaatsvindt. Displays zijn nagebouwd in een experimentele setting, en om de respondenten in een “winkelmodus” te krijgen, wordt hem een filmpje getoond van een shoppingtrip. Er kleeft een risico aan deze manier van onderzoek. Het blijft een labaroriumtest waarvan de vraag nog maar is in welke mate deze representatief is voor de echte winkelsituatie.
Tenslotte wordt de hele herstijl-operatie opgehangen aan onderzoek dat is gedaan onder niet meer dan slechts 40 respondenten. De sales van Campbell zullen uitwijzen of het bedrijf er goed aan doet om zulke ingrijpende veranderingen door te voeren.



POPAI Benelux maakt in haar onderzoeken ook gebruik van nieuwe technieken als Eye – VisionTracking. Kijk voor enkele voobeeldfilmpjes hier.

, , , , , , ,

Nog geen reacties